Overslaan en naar de inhoud gaan

Vanaf 2028 vast bedrag loonkostensubsidie per werknemer

Per 1 januari 2028 ontvangen gemeenten onder het BUIG-budget een vernieuwde loonkostensubsidie: de forfaitaire (LKS). Deze subsidie van 68 procent van het wettelijk minimumloon (WML) is bedoeld voor werkontwikkelbedrijven waar medewerkers met een indicatie beschut werk verrichten.

 

 

Nieuwe loonkostensubsidie

De forfaitaire loonkostensubsidie is ingevoerd om de huidige loonwaardemeting te vervangen. De oude gaf de volgende problemen: 

  • het geld dat werkontwikkelbedrijven krijgen om te compenseren dat hun werknemers minder productief zijn dan een gemiddelde werknemer, is vaak te laag;
  • het moment dat de hoogte van de subsidie wordt vastgesteld zorgt voor stress bij medewerkers;
  • Bijkomende administratieve lasten zijn hoog. 

Om de periode tot 2028 te overbruggen ontvangen gemeenten met terugwerkende kracht zo’n € 2.971 meer per beschutte plek (niet-gelabeld onderdeel van de rijksbijdrage beschut werk). 

VNG adviseert: hanteer nu al 68 procent LKS in financiële afspraken 

Voor de rust en voorspelbaarheid van medewerkers én voor voorspelbare financiële geldstromen, adviseert de VNG gemeenten de 68 procent LKS in financiële afspraken met werkontwikkelbedrijven vast te leggen. De tijdelijke ophoging van € 2.971 per werkplek hoeft zo niet apart te worden uitbetaald. Het adviesteam Sociale Infrastructuur kan meedenken bij het maken van deze afspraken.

Tip: Houd, om dubbele financiering te voorkomen, rekening met de uitkomsten van de loonwaardemeting in de verantwoording van het bijstandbudget en de loonkostensubsidie.

Let op: voor reguliere bedrijven geldt dit advies niet automatisch, omdat de loonwaarde van de beschutte medewerker hoger kan liggen dan waar de 68 procent rekening mee houdt. Dit brengt het risico met zich mee dat bedrijven te veel staatssteun krijgen. Het is nog niet duidelijk of de forfaitaire loonkostensubsidie geregeld kan worden voor medewerkers in dienst bij reguliere werkgevers met een indicatie beschut werk. Het besluit om de huidige aanpak voort te zetten ofwel het forfaitaire percentage toe te passen, is een eigen keuze.

Doordachte aanpak? Neem contact op met het adviesteam

Loonwaardemeting houden of niet?

Elke beschutte werknemer moet minimaal één loonwaardemeting krijgen vóór 2028. Zonder deze juridische basis is de loonkostensubsidie niet mogelijk. Na 2028 is de loonwaardemeting geen graadmeter meer voor de hoeveelheid loonkostensubsidie, vanwege het vaste percentage van 68 procent. De VNG adviseert de loonwaardemeting tot dan pragmatisch in te zetten. Nadien kan het nog steeds worden gebruikt als meetinstrument van de individuele vooruitgang van de werknemer.

Medewerker beschut werk zonder wijzigingen

De VNG adviseert om mensen in dienst met een beschut werk-indicatie waarbij functie, werkplek en functioneren ongewijzigd zijn, niet aan te passen. Dit gebeurt met de wetswijzing per 2028.

Medewerker beschut werk met wijzigingen en loonwaardemeting

De VNG adviseert om geen nieuwe loonwaardemeting uit te voeren en uit te gaan van 42 procent loonwaarde en 68 procent LKS. Zo hoef je geen nieuwe loonwaardemeting te betalen.

Nieuwe instromers beschut werk

Minimaal één loonwaardemeting is verplicht. De VNG adviseert de daadwerkelijke loonwaarde te registeren en de toekenning van de loonkostensubsidie van 68 procent aan te houden. Zo houd je de uitbetalingsstroom helder.

Veelgestelde vragen

Partners van het programma